Speciale verzoeken

  • 31-08-2010
  • Ingeborg Boois, de

-short English version below-

Zeegaand onderzoek zoals deze survey is erg kostbaar en waar mogelijk wordt er dan zoveel mogelijk materiaal beschikbaar gemaakt voor andere onderzoeken. Tijdens de boomkorsurvey wordt vrijwel altijd materiaal verzameld voor andere doeleinden dan waarvoor de survey is ontworpen. Oorspronkelijk is de survey opgezet om informatie te leveren over schol en tong en over de visgemeenschap in de Noordzee, inclusief het benthos (op de bodem levende organismen, anders dan vis). Maar als er dan toch vers materiaal aan boord is, kun je dat maar beter goed gebruiken. In deze blog een kleine selectie van de andere doeleinden waarvoor we materiaal in leven houden, invriezen of op alcohol zetten.kleine inktvisachtigen

Kleine inktvisachtigen houden we apart voor Ate de Heij en Jeroen Goud, die deze vervolgens determineren en bij Naturalis in Leiden in de referentiecollectie  opslaan. Wij doen alle kleine inktvisachtigen na verwerking in een potje en conserveren ze in alcohol. Er komt een briefje bij aan de hand waarvan de locatie te bepalen is. Na de reis sturen we een overzicht van de vislocaties op en na determinatie krijgen wij een lijst met de correcte soortnamen opgestuurd. Die kunnen we dan zelf weer in onze database opslaan. Deze extra taak doen we al een jaar of tien tijdens verschillende surveys en het heeft al een nieuwe inktvissoort opgeleverd die zelfs vernoemd is naar de Tridens: de Sepiola tridens (de Heij & Goud, 2010). We gaan er dus vrolijk mee door!

Voor archeologisch onderzoek van Bob Beerenhout zijn skeletten van verschillende platvissoorten nodig als referentiemateriaal. Een aantal soorten kunnen we zonder problemen verzamelen omdat we daar genoeg van vangen. Die vriezen we in en doen er een briefje bij met de soort en de lengte van de vis. Helaas is het noodzakelijk dat de otolieten in de vis blijven zitten. Aangezien wij deze zelf nodig hebben om de leeftijd te kunnen bepalen van de vis, is het lastig om soorten die we weinig vangen voor deze referentie-collectie apart te houden. Het hoofddoel van de survey heeft altijd voorrang.

IMARES medewerkers op determinatie testOm te garanderen dat het IMARES personeel soorten goed op naam brengt, verzamelen we materiaal voor een determinatietest. Afgelopen jaar hebben we deze voor het eerst gedaan. Iedereen die naar zee gaat heeft 27 vissoorten en 15 soorten benthos op naam moeten brengen. Het was goed om te zien dat degenen die veel naar zee gaan, hoge scores hadden bij de test. Om dit te kunnen blijven herhalen, moet er steeds nieuw materiaal komen. Nou zouden we daarvoor naar de vismarkt kunnen gaan, maar aangezien we alles toch aan boord hebben liggen, vriezen we daar een aantal exemplaren per soort van in. Voor de test ontdooien we dat dan weer. En bovendien: wie heeft er wel eens een gevlekte pitvis op de vismarkt zien liggen?

Naast de bemonstering met de 8 meter boomkor doen we nu en dan ook een trek met een 2 meter boomkor met een kleinere maaswijdte. Hiermee vangen we2 meter boomkor benthos en af en toe wat vis en deze vangsten leveren aanvullende informatie op over wat er op de zeebodem leeft. In 1999 is deze bemonstering begonnen als onderdeel van een EU project (Monitoring biodiversity & MAFCONS) en we proberen door te gaan zolang het de reguliere survey niet in de weg staat.

Dit is slechts een kleine selectie van de speciale verzoeken, want we verzamelen onder andere ook nog stukjes vin van tarbot en griet voor DNA onderzoek in België, sponzen voor determinatie door de Universiteit van Amsterdam en we maken foto’s om soorten op naam te kunnen brengen.

 

 

And now for the English version

Apart from the main purpose of the survey (i.e. data collection on plaice and sole, and the fish community including epifauna), we collect data for other purposes. Just a small selection of the extra information we collect is in this blog.

For a number of years, we’ve been keeping Sepiola and Sepietta species for identification by the natural history museum in Leiden (Naturalis). This resulted some years ago in the discovery of a new species: Sepiola tridens (de Heij & Goud, 2010).

We collect reference species for archaeology research. The only limitation for us is that the specimens still have to  contain the otoliths, which makes it almost impossible to collect species that we catch in low numbers and that we need for age reading.

In order to guarantee identification quality, last year a species identifcation test was organised at IMARES. To be able to do this next year, we need species to identify. For some species, one might go to the fish market, but as we are on board, there is enough material for the test. Besides, who did ever see a spotted dragonet at the fish market?

Apart from the 8 meter beam trawl sampling, a sampling with a 2 meter beam trawl had been carried out since 1999. This monitoring collects information on the smaller epifauna species.

 

foto’s: Henk Heessen en Ingeborg de Boois

Heij, A. de & J. Goud, 2010. Sepiola tridens spec. nov., an overlooked species (Cephalopoda, Sepiolidae) living in the North Sea and north-eastern Atlantic Ocean. Basteria 74 (1-3): 51-62

Reageer: