Wageningen IMARES betreurt dat het onderzoek naar de aangespoelde bruinvissen verzandt in de vraag hoe het nu komt dat de dieren zwaar verminkt aanspoelen. De onderzoekers van Wageningen IMARES en het NIOZ menen dat ze kapot zijn gesneden terwijl het Nederlands Forensisch Instituut (NFI) stelt dat de verminkingen zijn veroorzaakt door scheepsschroeven. Deze discussie leidt af van de vraag waar het om gaat: zijn de gestrande bruinvissen slachtoffer van bijvangst in de visserij? Dat is nog steeds een voor de hand liggende verklaring.
Onderzoekers en het NFI zijn het erover eens dat de verminkingen waarschijnlijk zijn toegebracht nadat de dieren zijn overleden. Dit is niet in tegenspraak met de vermoedens dat de dieren in een vissersnet terechtkomen, verdrinken en dus dood aan boord komen.
Afgaande op het bericht in de NRC (26 maart) suggereert het NFI dat de onderzochte dieren dood hebben rondgedreven en vervolgens zijn beschadigd doordat ze zijn overvaren door schepen. De verklaring die Wageningen IMARES geeft is dat de dieren mogelijk door vissers stuk zijn gesneden om ze uit het net te halen dan wel om te voorkomen dat de dieren gaan drijven. .
De aandacht is de afgelopen maanden erg sterkt gericht geweest op de verminkingen . Ten onrechte is soms de suggestie gewekt dat vissers op de Noordzee moedwillig bruinvissen op gruwelijke wijze aan het uitmoorden zijn. Dat is natuurlijk niet het geval want een bijvangst vindt per definitie per ongeluk plaats. Om bijvangsten in de toekomst te voorkomen, willen vissers en onderzoekers samen werken aan een oplossing voor dit probleem. Dit is alleen mogelijk wanneer onderzoeksinstituten, visserijbelangenorganisaties en natuurbeschermingsorganisaties gezamenlijk werken aan een klimaat van wederzijds vertrouwen.
Lees ook: