Zeeuwse zeehonden zijn immigranten
vrijdag 18 juni 2010 - BN De Stem
Het klinkt mooi: een vertienvoudiging van het aantal zeehonden in tien jaar.
Maar de groei van de zeehondenpopulatie in Zeeland blijft nog steeds flink achter bij die in de Waddenzee, zegt Peter Reijnders. Hij is hoogleraar ecologie en beheer van zeezoogdieren aan de Universiteit van Wageningen en werkt als onderzoeker bij Imares op Texel.
In de Waddenzee leven inmiddels bijna tienduizend zeehonden, terwijl het Zeeuwse aantal in de honderden blijft steken. Die verhouding was vroeger wel anders: voor de afsluiting van de Zeeuwse wateren leefden in de Waddenzee 'slechts' drie keer zoveel zeehonden als in Zeeland.
Een eenduidige verklaring heeft Reijnders niet. "Het zou aan de rust in de wateren kunnen liggen. Er zijn meer schepen in het Deltagebied dan in de Waddenzee. Daarnaast verdrinken er veel zeehonden in fuiken of op een andere manier. Dat remt de ontwikkeling van de populatie."
De zeehonden in de Voordelta zijn voornamelijk 'immigranten'. Ze zwemmen vanuit de Waddenzee, Engeland en Noord-Frankrijk naar Zeeland toe. Er worden in de Zeeuwse wateren relatief weinig jongen geboren. "Zeehonden zoeken zandbanken die droogvallen. Jonge zeehonden kunnen namelijk niet goed zwemmen."
De provincie heeft bij de telling geen onderscheid gemaakt tussen grijze en gewone zeehonden. Volgens Reijnders is vooral het aantal grijze zeehonden toegenomen. "Zij beslaan een derde van alle zeehonden. De grijze zeehonden waren volledig verdwenen door overbejaging, maar zijn sinds een jaar of tien weer terug, omdat ze zijn aangemerkt als beschermde diersoort."
Reijnders noemt de explosieve groei van het aantal zeehonden 'positief nieuws' voor de natuur in de Voordelta. "Het betekent dat het goed gaat met de kwaliteit van het gebied. Ze kunnen blijkbaar voldoende voedsel vinden." Zeehonden eten vissen, die zich op hun beurt met plankton voeden. De dieren vormen zo een voedselketen. "Zeehonden zitten net als bruinvissen in de top van die keten: als het goed gaat met die dieren, dan zit er onderin de voedselketen niet veel fout."
Vissers hoeven niet bang te zijn dat de zeehonden alle vis opeten, zegt Reijnders. "Ze eten hoogstens twee tot drie procent op. Dat is verwaarloosbaar."
Bron: www.bndestem.nl