Dagboek op zee: Tridens

Hans Bothe, maart 2007

IMARES, het instituut voor zeeonderzoek, maakt gebruik van een aantal onderzoeksschepen. Een van deze schepen is de Tridens die Scheveningen als thuisbasis heeft. De Tridens is 75 meter lang, 13 meter breed, heeft een diepgang van 5 meter en telt 5 dekken Een keer een week kunnen meevaren en werken geeft mij inzicht in het werk van mijn zeegaande collega’s.



Maandag
: aan boord, en direct vissen 
Met mijn vier IMARES collega’s gaan we aan boord en zoeken onze hutten op. In het eerste half uur ontmoet ik het merendeel van de 16 bemanningsleden. Bij de koffie tref ik de rest en opvallend is de gastvrijheid waarmee je ontvangen wordt. Ik voel mij dus direct welkom. Een uur, en het is etenstijd. Een warme hap zo goed klaargemaakt met allemaal vers spul dat het eten echt genieten is. Ik had al gehoord dat de kok zijn professie verstaat en ik zal deze week vermoedelijk wel een kilootje aankomen.

In de middag twee keer het net voor een half uur uitgezet, in visserstaal heet dit een trek. De hoeveelheid vis die we vingen viel mij tegen en gezien de reacties van de collega’s was het ook niet veel. De lijsten over de vangstresultaten die ingevuld moeten worden zijn zeer gedetailleerd. Naast vis zijn ook brokken veengrond meegekomen die als je ze openbreekt sporen van planten bevatten. De collega’s aan de lopend band sorteren de gevangen vis op soort en maat en communiceren dit via een koptelefoon met microfoon aan de collega in het scheepslab die dit in de computer invoert.

Vanuit de stuurhut zag ik een helikopter boven een schip hangen en iemand op het scheepsdek afzetten. Ook het windmolenpark voor Egmond aan Zee goed kunnen bekijken. Leuk, want ook dit is een project waar IMARES bij betrokken is, zowel in Nederland als internationaal. De kapitein, Arie, is vriendelijk en legt alles geduldig uit. Het begin van de avond met 1e stuurman Dirk de veiligheidvoorschriften doorgenomen en een veiligheidsrondje door het schip gemaakt. Matroos Dirk, blijkbaar een zeegaande naam, ruimt ondertussen de eetzaal op, wat een luxe, en ik ga mij zo klaar maken voor de avondvangst. Met speciaal net wordt gevist op haringlarven. De  collega’s waren aangenaam verrast over de gevangen aantallen en zo sluiten we de dag optimistisch af.


Dinsdag: slagregen en trek bij Dover
Om 7 uur gewekt en direct gedoucht. In bed is het gewiebel van het schip heerlijk maar onder de douche is het lastiger je evenwicht te bewaren. Het ontbijt stond klaar en na het eten op de brug gaan kijken waar we ergens zijn. De beeldschermen geven aan dat we bij de zuidhoek van Engeland varen, ruimschoots onder Dover. Om 8.30 uur is een trek gedaan en gezien de slagregen heb ik alles maar van binnenuit bekeken. Wat opvalt is, dat de Tridens als groot schip met meerdere dekken en veel kamers toch een schip is waar je snel de weg kent. De machinekamer is het domein van 1e machinist  Jan en is zo goed onderhouden dat het wel een showroom van een scheepswerf lijkt. Alles op het schip is prima verzorgd en de organisatie komt als uiterst efficiënt en gemoedelijk over.

De vangst van de 1e trek van 20 minuten bestond uit voornamelijk sprot, kreeftjes, krabbetjes, een grote kabeljauw, platvis, haring, enkele hondshaaien en een grote rog. De haaien en de rog zijn direct in een leeftank gedaan en zwemmen rustig rond. Zeldzaam mooi hoe deze vissen zich voortbewegen en opvallend dat de haaien zich rustig laten ‘aaien’. De tellingen en metingen worden direct uitgevoerd en de data verwerkt. Collega Simon bekijkt de vissen op geslacht, leeftijd en nog wat zaken met het oog van de IMARES professional. Even aan dek gestaan en de zee is kalm en mooi groen. De vissermannen staan aan dek een netten te repareren die tijdens de trek van zojuist zijn beschadigd. Niet niks want een net is ruim 75 meter lang met een opening tot 20 meter breed. Twee grote snijboorden van 1300 kilo ieder, aan iedere kant een, zorgen dat het net bij de opening niet samentrekt en wijd geopend blijft.

Op naar de volgende trek die plaats zal vinden in een geul met een diepte van rond de 35 meter. Hier veel vis gevangen en geholpen met sorteren, tellen en lijsten invullen. Het is leuk te merken dat de bemanning en IMARES mensen elkaar goed kennen en de samenwerking en onderlinge verhouding is goed.
 
Later in de middag lekker hoge golven die over de boeg heenslaan, de ruitenwissers in de stuurhut bewijzen hun dienst. Veel passerende schepen en een enkel vissersschip gezien. In het laboratorium aan boord in boeken opgezocht wat voor een zeeleven we nu allemaal gevangen hebben.



Woensdag: de vangst onderzocht
Vanmorgen wakker geworden met als uitzicht de krijtrotsen van Frankrijk. Na een stevig ontbijt aan dek gegaan. Een bijzonder uitzicht, de ene helft zon en een mooie groene zee. De andere helft grauw met een grijze zee. Een Jan van Gent vliegt als een soort loods voor de Tridens uit.

Collega Andre heeft tot gisteravond laat gewerkt en vroeg mij vanmorgen hem te roepen zodra de trek binnengehaald is. Het werk van de onderzoekers is erg precies en men volgt een vaste procedure zodat de onderzoeksgegevens van de verschillende sureveys te vergelijken en vooral betrouwbaar zijn. Ook de gegevens van het benthos, de bodemfauna, worden verwerkt en bijzondere soorten gefotografeerd. Er zitten diersoorten bij die zo vreemd van vorm zijn dat het lijkt alsof het ontwerpen voor een animatiefilm van de Disney Studio’s zijn.

Gemaild met thuis en prettig dat contact vanaf het schip mogelijk is. Een schip dat overigens een prettig huis is voor iedereen die erop vertoeft, ik ken drie-sterrenhotels die aanzienlijk minder zijn. Het verbruik van 10 ton olie per etmaal laat zien waarom vissers het in deze tijd, weinig vis en hoge olieprijzen, financieel zo moeilijk hebben.
Het valt Kapitein Arie op dat ik blijkbaar geen last heb van zeeziekte want regelmatig hangen passagiers over de reling en zoeken vervolgens hun kooi op. Maar ziek of niet ziek, als de trek binnen is moet je klaar staan om je taak uit te voeren.

Bij de vangst van vanmorgen zat een krab van een soort die bij de collega’s en vissers onbekend blijkt te zijn. Bioloog Henk, en verantwoordelijk voor deze survey, heeft de literatuur geraadpleegd maar werd niets wijzer. Vervolgens heeft  hij de krab in alle standen gefotografeerd zodat op het lab in IJmuiden uitgezocht kan worden om welk ‘merk’ het nu gaat. Voorlopig houden de onderzoekers en vissers het er op dat het om een soort gaat dat normaal gesproken veel zuidelijker leeft. De gevangen inktvissen zijn gewogen, gemeten en geadministreerd. De 2e trek leverde erg veel haring op. Het binnenhalen van de netten gebeurt met motoren bediend vanuit de stuurhut. Zo’n 6 tot 8 vissermannen begeleiden de netten en trekken deze tot boven een ‘stort’koker. Veiligheidskleding is aan dek verplicht. Tijdens het binnenhalen doken Jan van Genten als raketten in het water om een harinkje te scoren, een bijzonder spectaculair schouwspel. Als een grote bruine vogel met de naam ‘grote jager’ verschijnt is dit voor de Jan van Genten aanleiding om een veilig heenkomen te zoeken. De Vissermannen noemen deze vogel een Elzenaar. Het gezegde ‘je voelt je als een Elzenaar onder de meeuwen’ is dan ook een bekend gezegde onder de vissermannen.

IMARES collega’s Andre, Simon, Jan en Henk hebben uren in het lab gestaan en alle vangstgegevens te verwerken..

De warme middagmaaltijd was weer subliem. Een flinke golf deed de Tridens zo hellen dat ik de schaal met vlees en overige gerechten van rechts naar links zag passeren zonder dat daar een hand aan te pas kwam. Gelukkig bleek de opstaande tafelrand functioneel en ons eten daarmee veiliggesteld. Vanmiddag was er op de Tridens oefenalarm en iedereen moest zich verzamelen bij de hem toegewezen Dinky. Dit ging in recordtijd wat te danken is aan de duidelijke instructie bij aanvang van de reis.

15.00 uur; ik loop de trap naar het laboratorium af. Boven mij hoor ik een klap van water en draai mij om. Een enorme golf komt via de dekdeur de Tridens binnen en overspoelt mij van top tot teen. De gangen van het benedendek en het lab staan blank en met Andre ben ik direct het water naar de puntjes gaan vegen om daarmee te voorkomen dat de bemanningvertrekken benedendeks en het laboratorium onder lopen.

Na iedere trek is een CTD gepland. Hiermee meet je het zoutgehalte en de temperatuur van het zeewater op een bepaalde en/of gewenste diepte. Dit wordt gedaan met een  cirkelvormige installatie waarin speciale kokers zitten die op de gewenste diepte opengaan en vollopen met zeewater. Van de zo verzamelde watermonsters wordt later op het laboratorium vastgesteld hoeveel nutriënten (voedingsstoffen zoals fosfaten) er in zitten. Een hijsinstallatie brengt de installatie weer aan dek. Ook deze gegevens worden verwerkt.

Vaak wordt ook nog een MIK gedaan, zo heet het gebruikte planktonnet, maar dit was vanavond door de grote deining niet mogelijk. Simon, die hier verantwoordelijk voor is, betreurde dit want de nacht was pikzwart wat ideaal schijnt te zijn voor het vangen van plankton. Voor de mik is een speciaal groot cirkelvormig net aan boord aanwezig.
Voor dit avond- of nacht werk wordt het achterdek door schijnwerpers verlicht en ziet er hierdoor spectaculair uit. Ik waan mij even aan boord bij Pierre Cousteau.



Donderdag: net kapot
We hebben de nacht door gebracht voor de Belgische kust. Wakker geworden, gegeten en naar de stuurhut gegaan. Rond 8.30 uur kwam het signaal voor het binnenhalen van de netten. Al snel bleek dat het net kapot was. Hierdoor was het een ongeldige vangst daar je hiermee geen zekerheid hebt over de duur van de vangst in relatie tot het aantal gevangen vissen. Een paar kabeljauwen zijn geanalyseerd waarbij gekeken is naar het gewicht van de vis en de afzonderlijke organen. De gegevens worden opgeslagen in databestanden. Aan de hand van de gehoorsteentjes (otolieten) kan later worden vastgesteld hoe oud de vis is.

Gevangen vis komt door een luik op het dek het schip binnen. Via een lopende band komt de vis bij de onderzoekers. Wat niet gebruik wordt of in leeftanks wordt gedaan gaat met de zelfde lopende band direct het schip weer uit. Na afloop van dit werk komt de scheepsbemanning de werkruimte schoonmaken zodat het altijd verantwoord en hygiënisch werken is. De gevangen vis wordt met respect behandelt.

De vissermannen gaan het net repareren, of boeten zoals dat in visserstaal heet, zodat de vervolgtrek veiliggesteld is. Niet altijd een pretje voor deze mannen want het is guur weer en het regent. De plaats waar gevist is het erg druk met schepen. Ik tel zeker een schip of 25 die voor de kust ligt te wachten om richting Antwerpen te kunnen varen.

De middagtrek van 15.00 uur was succesvol. Veel verschillende benthos en vissoorten waaronder weer sprot, ansjovis, mooi getekende pitvissen, schol, tong, hondshaai, inktvis en een enkele Pieterman. Deze Pieterman heeft op zijn rug en aan de kieuwdeksels stekels die giftig zijn. Onder andere hierom worden tijdens het sorteren van de vis handschoenen gedragen. Mijn taak aan de band is het selecteren van de ansjovis uit de sprot en het verwijderen van stenen die in grote gatalen, met begroeiing en al, tussen de visvangst zat. Blijkbaar vinden mijn zeevarende collega’s dat ik inmiddels in staat ben om stenen van vissen te onderscheiden.



Vrijdag: terugkomst
Mijn conclusie na een week op de Tridens is dat de zee het beschermen meer dan waard is en het werk van IMARES hieraan bijdraagt. Vaak hoor je mensen die op zee geweest zijn zeggen dat wij op deze immense plas maar zeer nietig zijn. Ik begrijp de uitspraak, maar deel hem niet. Het is de mens die verantwoordelijk is voor een zee die gezond is en waar wij allemaal duurzaam van zullen profiteren.

Collega’s en bemanning van de Tridens bedank ik voor de gastvrijheid en leerzame week.

Hans Bothe
(communicatiemanager IMARES)

  
Print deze pagina